De Landy conventie

De Landy-conventie

Landy is de populairste conventie na een 1SA opening. Met deze conventie is een volgbod van 2♣ niet natuurlijk. Het 2♣ bod geeft lengte aan in beide hoge kleuren, (bijna) altijd minimaal een 5-4 verdeling. Door met één bod beide kleuren te vertellen, heb je twee kansen bij partner. In Landy is alleen 2♣ een conventioneel bod, een volgbod van 2, 2 of 2♠ is natuurlijk.

De vereisten voor Landy zijn hetzelfde als voor een volgbod in een kleur; speelkracht is belangrijker dan punten. Wees zoals bij elk volgbod, kwetsbaar voorzichtiger dan niet kwetsbaar. Na een 1SA opening (er zijn al minstens 15 punten bekend) speel ik Landy vanaf minimaal 10 punten.

Voorbeelden:           Voor je opent de tegenstander 1SA

Hand 1: Bied 2♣
De ideale hand voor de Landyconventie. Met 5/5 verdeling in de hoge kleuren is de kans groot dat partner in een van deze kleuren een driekaart mee heeft. Volgen met 2♣-Landy in plaats van met 2 of 2♠ heeft als groot voordeel dat partner op tweehoogte kan kiezen tussen harten en schoppen.

Hand 2: Bied 2♣
De schoppenkleur is een vijfkaart en de hartenkleur slechts een vierkaart. Je hebt voorkeur voor schoppen. Volg toch geen 2♠. Kies voor 2♣-Landy om beide kleuren in beeld te brengen.

Hand 3: doublet
Deze verdeling is geschikt voor 2♣-Landy. Maar met 17 punten is ook een ander bod mogelijk, namelijk doublet. Dit doublet toont kracht, ten minste 15 punten. Kies voor doublet; met zo’n sterke hand kan gedoubleerd tegenspelen meer punten opleveren dan zelf spelen.

Handen met een 5/4 of 5/5 verdeling in de hoge kleuren zijn prima geschikt voor 2♣-Landy. Wat bied je dan met een 4/4 of een 6/4 verdeling in de hoge kleuren?

Voorbeelden:           Voor je opent de tegenstander 1SA

Hand 1: Pas
Met 13 punten heb je een opening. Maar vanwege de evenwichtige verdeling is het met deze hand beter om te passen dan 2♣-Landy te bieden. Voor een doublet is deze hand niet sterk genoeg, dat belooft minimaal 15 punten.

Hand 2: Bied 2♣ (of zeg pas)
Met een 4/4 verdeling in harten/schoppen kom je in de hoge kleuren een kaart te kort voor de Landyconventie. Een doublet kan ook niet want dat is geen informatiedoublet maar geeft kracht aan en belooft minstens 15 punten. Een pas is zeker niet fout. Maar omdat de 4414 verdeling meer perspectief biedt dan een evenwichtige hand kun je de 2♣-Landy wagen.

Hand 3: Bied 2♠
Met een 6/4 verdeling in de hoge kleuren moet je kiezen; of beide hoge kleuren aangeven of je zeskaart vertellen. Het advies is om de zeskaart te volgen. Dan maak je in troef altijd een aantal lengteslagen.

Hand 4: Pas
De consequentie van Landy is dat je geen natuurlijk 2♣ kunt volgen.

Reageren op 2♣-Landy

De antwoorden zijn op één uitzondering na rechttoe rechtaan:
• Geef zonder interesse in de manche voorkeur met 2 of 2♠
• Spring met een fit naar 3 of 3♠ of als je wil inviteren voor de manche
• Bied met een sterke hand en een mooie fit met 4 of 4♠ de manche. Partner belooft ongeveer 10 punten en een 5/4 verdeling in de hoge kleuren. Om 4/4♠ te bieden heb je dus een fraaie hand nodig.
• Pas alleen bij hoge uitzondering met een lange klaverkleur en geen fit in harten of schoppen. Partner kan met zijn 2♣ bod immers nul klaveren hebben.
• 2 is een speciaal antwoord. Het is een conventioneel bod en zegt niets over de ruitenkleur. Met 2 vraag je aan de 2♣-Landy bieder om zijn langste hoge kleur te bieden. Je bied 2♦ omdat je gelijke lengte hebt in harten en schoppen. Zo vind je de kleur waarin je samen met partner de meeste troeven hebt. Je kunt slechts twee hartens en twee schoppens hebben maar ook van beide kleuren een driekaart of een vierkaart. Het 2 bod zegt niets over kracht, de 2 bieder kan bijvoorbeeld 12 punten hebben maar ook nul!

Voorbeelden:           Het bieden gaat:      (1SA) – 2♣ – (pas) – ?

Hand 1: Bied 2♠
Pas niet op 2♣, dat kan een 5-0 fit zijn! Geef, ook met slechts een tweekaart, voorkeur aan de schoppenkleur.

Hand 2: Bied 4♠
Bied met deze mooie fit in schoppen en een prachtige 5/5 verdeling de manche. Volstaan met 2♠ of 3♠ is te voorzichtig. Ook als partner slechts een minimale hand heeft moet, met de mooie zijkleur in ruiten, 4♠ een kansrijke manche zijn.

Hand 3: Bied 2♠
Maak de kleur troef waarin je de meeste kaarten mee hebt, niet de kleur waarin je een plaatje hebt.

Hand 4: Bied 3
Met een vierkaart fit in harten, aftroefwaarde vanwege de singleton en AH zie je kansen voor de manche. Heeft partner een minimum dan  is de manche wellicht te hoog. Inviteer daarom met 3.

Hand 5: Bied 2
Net als hand 4 is deze hand mooi genoeg om te inviteren voor de manche. Maar wat is de beste speelsoort, harten of schoppen? Spring niet meteen naar 3 of 3♠ maar bied eerst 2. Vraag zo wat partners langste kleur is. Inviteer daarna in die kleur voor de manche.

Hand 6: Bied 2
Bied met gelijke lengte in harten en schoppen conventioneel 2. De driekaart schoppen is vanwege ♠H mooier dan de driekaart harten. Maar geeft niet met 2♠ voorkeur voor de schoppenkleur. Partner kan immers langere harten dan schoppen hebben. Vraag met het conventionele 2 bod naar de langste kleur.

Hand 7: Pas
Dit is een zeer uitzonderlijke hand. In beide hoge kleuren heb je slechts een singleton. De klaveren kleur is erg mooi. Partner vraagt met 2♣ naar je langste hoge kleur maar je blijft het antwoord schuldig.

De derde hand bied mee

Biedt de derde hand, de partner van de 1SA-openaar, na 2♣ Landy mee dan is er een verschil tussen:
• De derde hand biedt een kleur
• De derde hand doubleert 2♣

De derde hand biedt een kleur

Biedt de tegenstander een kleur dan is elk bod natuurlijk. Je kunt nog steeds voorkeur geven met 2/2♠, met 3/3♠ inviteren voor de manche of met 4/4♠ meteen de manche bieden. Een doublet is een strafdoublet.

Voorbeelden:                       Het bieden gaat:      (1SA) – 2♣ – (2) – ?

Hand 1: Bied 2♠
Laat, met 9 punten en in schoppen ten minste een achtkaart fit, de tegenstanders niet op laag niveau spelen.

Hand 2: Doublet
Je zit flink tegen in ruiten en heeft daarnaast in ♣AH twee slagen. Genoeg om een strafdoublet te geven.

Hand 3: Bied 4
Dat zou je ook hebben geboden na een pas van de derde hand. Geen reden om na het 2 bod anders te bieden.

Hand 4: Pas
Na het 2 bod van de tegenstanders heb je geen biedplicht.

De derde hand doubleert 2♣

Doubleert een tegenstander 2♣, dan verandert er wel het een en ander. Let vooral op de gewijzigde betekenis van het 2 bod en op de betekenis van een redoublet!
• Na een doublet vraagt een 2 bod niet meer naar de langste hoge kleur van partner. Het is een natuurlijk bod, 2 geeft een ruitenkleur aan.
• Een redoublet vraagt nu naar de langste hoge kleur.
• Pas is een voorstel om 2♣ gedoubleerd te spelen.

Voorbeelden:                       Het bieden gaat:      (1SA) – 2♣ – (doublet) – ?

Hand 1: Bied 2
Nu de tegenstanders 2♣-Landy doubleren kun je 2 bieden als een natuurlijk bod. Zonder dit doublet kon dat niet, dan zou 2 conventioneel zijn geweest.

Hand 2: Redoublet
Met gelijke lengte in harten en schoppen wil je  partners langste kleur troef maken. Na een doublet vraagt een redoublet aan partner om zijn langste kleur te bieden.

Hand 3: Redoublet
Vraag ook met slechts een tweekaart in beide hoge kleuren met een redoublet naar de langste hoge kleur van partner. Pas niet! Een pas belooft een goede klaverenkleur.

Hand 4: Pas
Je hebt geen interesse in een harten- of schoppencontract. Pas stelt voor om 2♣ te spelen.

De vierde kleur

Definitie: Als er geen natuurlijk bod beschikbaar is en het bieden toch opengehouden moet worden, kan men de vierde kleur gebruiken als een kunstmatig ‘wachtbod’.

Is de ‘vierde kleur’ altijd een kunstmatig bod? Vaak wel. Als regel kunt u hanteren:

Als we drie kleuren geboden hebben is het bieden van de vierde kleur conventioneel. Het toont mancheinteresse en vraagt partner zijn hand nader te omschrijven.
 
Meestal zul je geïnteresseerd zijn in één van de volgende twee zaken:

- een driekaart steun voor je eerste kleur
- een dekking in de vierde kleur voor het spelen van SA.

Voorbeeld 1:

        H V 8 6 2
1 1 ♠   6 2
2 ♣ 2   A 9 3
        H 6 5

Voorbeeld 2:

        H 6 5
1 1   A V 8 2
1 ♠ 2 ♣   H B 7
        8 6 3

Hier bied je de vierde kleur om te ontdekken of partner een driekaart schoppen heeft. Is dat het geval, dan ga je naar 4 ♠. Heeft partner geen 3 kaart schoppen, dan wordt het 3 SA.

 

 

 

Hier wil je naar 3 SA. Je hebt echter geen dekking in de ongeboden klaverkleur. Om uit te vinden of partner die wel heeft, bied je de vierde kleur. Zonder klaverdekking moet je op zoek naar een andere  manche.

 

Het bieden van de vierde kleur zegt niets over je bezit in die kleur. Je kunt twee kleintjes hebben, maar ook AH-vierde.

Antwoorden op de vierde kleur:

Hoe reageert partner op een bod in de vierde kleur? Op volgorde van prioriteit:

  1. Partners eerste kleur steunen met een driekaart. Vaak is de eerste kleur van de vierde kleurbieder een vijfkaart en dan kan er dus in de 5-3 fit gespeeld worden.
  2. SA bieden met een stop in de vierde kleur. Vaak heeft de vierde kleurbieder geen dekking in de vierde kleur.
  3. Iets anders vertellen dat nog niet bekend is. Bijvoorbeeld dat de eerste of misschien zelfs de tweede kleur van de openaar een vijfkaart is.

Voorbeeld bij 1:

        H V 5 2
    1 ♣   H B 4
1 1 ♠   3 2
2 ??   A B 9 3

Voorbeeld bij 2:

        H V 5 2
    1 ♣   3 2
1 1 ♠   A V 5
2 ??   H 6 4 2

Voorbeeld bij 3:

        H V 5 2
    1 ♣   4 3
1 1 ♠   B 7
2 ??   A V B 7 5

 

Hier biedt Oost 2 , waarna waarschijnlijk 4 , of misschien zelfs een slem in harten bereikt gaat worden.

 

 

 

Hier biedt Oost 2 SA, vanwege de dubbele dekking in ruiten. Waarschijnlijk wordt 3 SA het eindcontract.

 

 

 

Hier biedt Oost 3 ♣ om extra lengte in klaveren aan te geven.

Lage kleurentransfers

Net als bij de hoge kleuren kan er ook naar de lage kleuren getransfereerd worden.

Een belangrijk verschil met Jacoby voor de hoge kleuren is dat dit in het algemeen niet tot doel heeft om de juiste manche uit te vinden. 3SA is bijna altijd beter speelbaar dan 5♣/ en de score is hetzelfde. Jacoby voor de lage kleuren heeft tot doel om met een zwakke hand 3♣ of 3 te kunnen spelen in plaats van 1SA en om een keuze te kunnen maken tussen 3SA en 6♣/. Het is dus zwak (0-7) of behoorlijk sterk (13+) maar niet daar tussenin.

Er zijn verschillende methodes:

  • Na 1SA toont 2♠ een zeskaart klaveren en 3♣ een zeskaart ruiten. Nadat de openaar de transfer heeft geaccepteerd is pas de zwakke variant en bieden sterk. Voor de betekenis van het vervolg is er geen standaardaanpak en dit zal door het paar naar eigen voorkeur nader ingevuld zijn. De openaar kan met een 3 kaart en een tophonneur mee de transfer weigeren en weer SA bieden.
  • Er zijn paren die 2♠ spelen als transfer naar een van beide lage kleuren, waarna 3♣ een pas of corrigeer bod is. Nadeel is dat het contract niet altijd in de goede hand komt en dat slemonderzoek lastiger wordt. Mogelijke uitbreiding:

  • Andere mogelijkheid is: 2 ♠ voor ♣ en 2 SA voor .
    • Nadeel: het oude 2 SA (8-9 punten, limietbod) komt te vervallen. Deze moet dan ook via 2♣ geboden worden.
    • Voordeel: De transferweigering kan ook na 2 SA gebruikt worden.